Fort Oranje

Op zondag 18 en dinsdag 20 juni 2017 maakte ik een fotoreportage van de bewoners van Fort Oranje te Zundert. De reportage bestaat uit een interview en een foto. In verband met de ontwikkelingen op het Fort publiceer ik enkele foto’s zonder begeleidend commentaar. Op deze foto’s berust copyright. Ik verzoek bezoekers uitdrukkelijk ze niet zonder schriftelijke toestemming te gebruiken, publiceren of te verspreiden.

IMG_0594 IMG_0804 IMG_0786 IMG_0772 IMG_0762 IMG_0759 IMG_0718 IMG_0706 IMG_0675 IMG_0664 IMG_0616 IMG_0609

Zuiverheid; Jonathan Franzen

Er lijkt geen einde te komen aan de literaire vruchtbaarheid van Jonathan Franzen (1959). Na de National Book Award en nét na(ast) de Puliter Prize, levert de gelauwerde schrijver met Zuiverheid zijn nieuwste pennenvrucht. De schrijver, die in Nederland pas écht doorbrak met Vrijheid (2010), waarna De Correcties ook snel opnieuw in herdruk verscheen. De migrantenzoon van Zweedse komaf lijkt uit te groeien tot één van de urgente schrijvers van dit moment.

Onze tijd in woorden vervat

Het is in de Nederlandse letteren zijn serieuze romans over de maatschappelijke issues van de tijd schaars. Het milieu, culturele diversiteit, Islam of de economische malaise dringen bijna niet door. Grunberg schreef één belangrijk werk dat langs het Israelisch-Palestijnse conflict scheerde, Tommy Wieringa schreef natuurlijk zijn antwoord op Odyssee Bagdad van de (Franstalige) Belg Éric-Emmanuel Schmitt, maar toch blijven de grote thema’s van onze tijd in de literatuur ver te zoeken. De personages blijven getormenteerde artistieke- of excentriekelingen die in de verwarring van het bestaan al dan niet meevaren op de golven en hun wegen blijven abstract, ver weg van de geopolitieke en ecologische stormen die onze cultuur bespoken.

Franzen, die in De Correcties (2001)  schreef over de carrière van Alfred Lambert, die een veelbelovende loopbaan aan de universiteit in rook zag opgaan na een seksschandaal blijf destijds nog klassiek in zijn aanpak. De protagonist probeert daarover mentaal evenwicht te bereiken door zijn frustratie op te schrijven en als scenario te slijten aan een filmproducent. In het proces verwoest hij de levens van zijn drie kinderen Denise, Gary en Chip. In de kenmerkende kalme en strakgecomponeerde scenes, bijna als een kunstschaatster, schetst hij pagina achter pagina zijn overrompelende visie op de westerse ziel. Franzen was 42 toen De correcties uitkwam en met die roman verwerfde hij zich in de Angelsaksische wereld waarderingen als ‘America’s novellist’ in Time Magazine (waardoor hijzelf grappend opmerkte dat hij nu in elk geval geen cult-schrijver meer was).

Dicht op de werkelijkheid

Net als in Vrijheid (2010) duikt nu nog directer in de ziel van onze tijd. Op de Zweedse televisie noemde hij zich ‘zoals veel Zweedse migranten’ een fatalist. Franzen toonde zich een goed criticus van onze tijd. Competitie was een drijfveer van waaruit hij met een panoramische blik uitkijkt op het landschap van de verdwijnende Amerikaanse burgerij.

Dicht op de ‘journalistieke werkelijkheid’, zet Franzen zijn personages in grote en kleine veranderingen van zijn tijd. Obama, Assange, Putin zijn zichtbare figuren in de levens van zijn romanpersonages, evenals de grote en kleine irritaties van social media, Facebook, de aanval op de Twin Towers en de verkiezingen van Obama spelen een rol. Franzen megasucces moet zijn oorsprong vinden in het intense sociaal realisme, dat haast vanzelfsprekend verweven raakt met de grote thema’s van deze tijd. Daarin is lijkt hij zo helder en relevant dat zelfs Brett Easton Ellis – die enkele jaren geleden met American Psycho eveneens werd gezien als de stem van zijn tijd – zich een overtuigde volger verklaarde.

De kwaliteit van Franzen zit in de breedte van zijn aandacht. Hij schrijft over mensen die worstelen met de seksuele verleidingen van het internet; de problemen van een generatie die opgroeide met gescheiden ouders, een studieschuld en de verlammende teleurstelling van generatie die de betrekkelijkheid van succes moet verteren en dit alles op een canvas waarin de geopolitieke spanning van nu, de technologische ontwikkelingen en de thema’s rondom het ecologische bewustzijn.

anonymous-psn-hackerIn Zuiverheid verweeft Franzen de levens van Tom Aberant, Andreas Wolf, Purity Tyler (‘Pip’).  Pip is geplaagd door een studieschuld. Met een goede opleiding maar zonder uitzicht op een serieuze carrière worstelt met zichzelf en met mannen. Na wéér een uitzichtloze date beland ze op zoek naar een condoom in de keuken in gesprek met een beeldschone Duitse antiglobaliste die een of ander serieus project in de VS uitvoert. De vrouw Annagret, verpest Pips seksuele uitspatting met Jason, en brengt haar in contact met een charismatische internetrebel Andreas Wolf. Aangetrokken door de carrièremogelijkheden én de mogelijkheden die samenwerking met een hackerscollectief biedt voor het achterhalen van verwaterde familiebanden stemt ze toe. Pip belandt in een geopolitiek spel van belangen en macht. Opnieuw speelt een deel van het verhaal zich af tussen welgestelden en invloedrijke mensen. Hij raakt opnieuw aan issues als privacy, media-oorlog en de duistere geheimen van multinationale corporaties. Tussen het geweld van de wraakzuchtige spelletjes van de groten der aarde raakt Pip’s leven en geestelijke gezondheid vermalen.

De roman leest als een allegorisch schilderij. Franzen bezit het unieke talent alle kleine en grote gebeurtenissen te schilderen die onze tijd in één beeld lijken te vatten.

Onderworpen

Houellebecq’s Soumission is ZO lang van tevoren aangekondigd, dat een deel van de oorspronkelijke opwinding reeds theoretisch verwerkt leek voordat het als ‘Onderwerping’ verscheen in het Nederlands. ‘Onderworpen’, zoals de roman in vertaling heet verwijst zowel naar de letterlijke betekenis van de meest gehate religie op aarde, als naar de nabije toekomst van Europa.
Dat de discussie over Onderworpen zo ver vóór de Nederlandse publicatie al speelde lijkt de beleving te hebben beïnvloed en dat is jammer. Toch laat Houellebecq zijn lezer niet gemakkelijk bevestiging vinden, waardoor het boek aangenaam fris oogt.

Democratische strijd

Aan de vooravond van de verkiezingen in 2022 dreigt Frankrijk korte tijd onbestuurbaar te worden. Groepen Noord-Afrikanen terroriseren de straten, tegenprotesten van Franse ‘identitairen’ worden massaal bezocht. Er vallen doden. De universiteiten worden afgesloten en er circuleren pamfletten met uitgebreide voorbereidingen voor een burgeroorlog.
De opkomst van de ‘Fraternité musulmane’, de moslimbroederschap, staat aan het begin van de roman lijnrecht tegenover de ‘identitairen’; de ‘nationalistische’ tegenbeweging in Frankrijk die stemmen trekt voor het Front Nationale van Marine le Pen; het laatste bolwerk van Franse bestuurlijke hegemonie op eigen bodem. Front Nationale staat met 34,1% van de stemmen in de peilingen krap vóór de broederschap van Mohammed Ben Abbas.
François, Huysmansspecialist aan de letterenfaculteit van de Sorbonne, vlucht uit Parijs om in de provincie de uitslag van de verkiezingen af te wachten. En dan gebeurt het ondenkbare: de islamisering van het Avondland, die demografisch al decennialang traceerbaar was, vindt een politiek hoogtepunt: Frankrijk beëdigd de eerste democratisch gekozen islamistische president, de briljante politicus: Mohammed Ben Abbas.

Inzicht

Het interessante van de roman, is dat Houellebecq de tijd neemt om en detail de politieke intrige te schetsen, waarbij bekende namen als Sarkozy, Tariq Ramadan, Hollandse en zelfs Mitterrand voorbij komen. Na een overhaaste vlucht naar een landelijk pension raakt François in gesprek met een collega van de Sorbone die één van de identitairen was: ‘Ziet u, […] het Bloc Identitaire was in werkelijkheid allesbehalve een blok, het was verdeeld in tal van facties die elkaar slecht begrepen en elkaar slecht konden verdragen: katholieken, solidaristen in de lijn van de Derde Weg, royalisten, neoheidenen en hardline laïcisten met extreemlinkse wortels…’
En deze wat schimmige herkomst van een diepe pan-Europese tegenbeweging kende gevolg: ‘Maar het is allemaal veranderd toen de Europese Autochtonen werden opgericht.’ Deze laatste instantie zou een soort Europese samenwerking tussen de populistische bewegingen. En na de verkiezingen wordt het zaak voor sympathisanten van de identitaire beweging om hun lidmaatschap te vernietigen.
Maar de identitairen komen te laat. Een collega en voormalig lid van de beweging analyseert nuchter: ‘De moslimbroederschap is een bijzondere partij, weet u: veel van de gewone politieke thema’s doen er voor hen nauwelijks toe, en vooral, ze stellen de economie niet in het middelpunt van alles. Voor hen zijn demografie en onderwijs de hoofdpunten: de bevolkingsgroep die de beste vruchtbaarheidscijfers heeft en die zijn waarden weet door te geven trekt aan het langste eind. Zo simpel is het in hun ogen, economie, en zelfs geopolitiek zijn maar bijzaak: wie kinderen heeft, heeft de toekomst, punt uit’.

Een compromis met Islam

De nieuwe president zorgt voor een aardverschuiving in de Franse cultuur. Vrouwelijke en katholieke hoogleraren worden uit hun functies ontheven, conversie naar Islam wordt verplicht in educatieve functies. Er volgt een massale exodus van vrouwen van de arbeidsmarkt, waardoor de werkeloosheidscijfers enorm teruglopen en polygamie wordt gelegaliseerd.

Toch schetst Houellebecq, die historische parallellen aanhaalt, het beeld van gelatenheid in de intellectuele elite. In een gesprek over de politieke ontwikkelingen zegt collega Tanneur: ‘Iedereen weet dat Karel Martel in 732 bij Poitiers de Moren heeft verslagen, waarmee hij de islamitische expansie naar het noorden een half toeriep. Het was indrdaad een beslissende slag, die het ware begin van de Christelijke middeleeuwen inluidt […]’ Maar die Christelijke hegemonie van Europa is definitief ten einde: ‘Het klopt dat er enorm veel veldslagen zijn geweest tussen het christendom en de islam, vechten is van oudsher een van de voornaamste mensenlijke activiteiten, oorlog is natuurlijk, zoals Napoleon zei. Maar ik geloof dat nu het moment is gekomen voor een compromis, een alliantie met de islam.’

In Houellebecq’s intellectueel meest bedwelmende pagina’s lijdt de stijl soms onder de Nietzschiaanse culturele vergezichten. Nietzsche’s diagnose van de zieke oude cultuur van het Avondland trilt door in Houellebecqs analyse, maar zonder woede. François krijgt een riant pensioen en heeft geen plan om de rest van zijn leven door te komen, totdat hij een aanbieding krijgt voor een onderzoeksopdracht in zijn specialiteit, van een geconverteerde collega Rediger. De apotheose van de roman is een gesprek tussen François en Rediger, die François probeert te overtuigen van de onvermijdelijkheid van de Islamitische dominantie over Europa. Hij vertelt over zijn eigen conversie:

‘Het Europa dat het hoogtepunt van de menselijke beving was heeft inderdaad zelfmoord gepleegd, binnen het bestek van een paar decennia’, vervolgde Rediger bedroeft; ‘in heel Europa had je de anarchistische en nihilistische bewegingen, de oproep tot geweld, de ontkenning van elke morele wet. En toen, een paar jaar later, eindigde het allemaal met de niet goed te praten dwaasheid van de Eerste Wereldoorlog. Freud heeft zich niet vergist, Thomas Mann ook niet: als Frankrijk en Duitsland, de twee meest geavanceerde, meest beschaafde natie van de wereld, zich konden overgeven aan die redeloze slachtpartij, dan kon dat alleen maar betekenen dat Europa dood was. […] De volgende dag ben ik naar een imam in Zaventem gegaan. En de dag daarna – paasmaandag – heb ik in aanwezigheid van een tiental getuigen de rituele formule uitgesproken om me te bekeren tot de islam.’

François zal hetzelfde moeten doen. Hij zal beloond worden met een riant salaris. Hij zal via het huwelijk toegang hebben tot piepjonge meisjes en promotie maken aan de Sorbonne. Al wat hij hoeft te doen is meegaan naar een ceremonie waar hij de heilige woorden moet uitspreken: ‘ʾasjhadoe ʾan lā ʾilāha ʾillā-llāh, wa asjhadoe anna moeḥammadan rasōēloe-llāh.
‘Ik zou nergens spijt van hoeven te hebben.’